Overgeleverd door Ka’b ibn Ayad (ra): "De Profeet (saws) heeft gezegd: "Iedere Oemmah heeft een beproeving en voor mijn oemmah is de beproeving al-Mal (het geld)."
Geld vormt een beproeving, want met geld kunnen we de zegeningen van Allah krijgen, door middel van zakaah, sadaqah en het uitgeven van geld op de goede weg, maar met geld kunnen we ook de straffen van Allah krijgen door het uitgeven ervan voor haraam zaken, voor woekerwinst etc.
Geld is ook altijd een middel geweest om mensen tegen elkaar op te zetten. Kijk maar naar de geschiedenis, dan moeten we constateren dat door geld vijandschap ontstaat. Niet letterlijk door geld maar door onjuist gebruik ervan en hebzucht van mensen. Sommige geleerden hebben zelfs gezegd dat geld de reden is voor alle problemen op politiek, sociaal, economisch en religieus gebied.
In de Qoraan lezen we ook op vele plaatsen dat geld een beproeving (fitnah) is voor de mensen:
« Jullie zullen zeker worden getest en beproefd in jullie rijkdommen (geld) en bezittingen en in jullie nafs…» (Al-Imraan:186)
« En weet dat jullie bezittingen en jullie kinderen slechts een beproeving zijn en zeker, bij Allah is een machtige beloning .» (Al-Anfaal:28)
« Het geld en de kinderen zijn de versieringen van het wereldse leven. Maar de goede blijvende (daden) zijn beter bij jouw Heer, als beloning en betere hoop. » (Al-Kahf:46)
Keer op keer een waarschuwing om niet af te dwalen van het ware doel van ons leven hier op aarde en onszelf niet te verliezen in de versieringen van deze wereld.
Overgeleverd door Osama bin Zaid (ra) dat de Profeet (saws) zei: "Toen ik bij de poort van al-djenna kwam zag ik dat de meeste personen die er binnengingen de armen waren, terwijl het de rijken niet werd toegestaan naar binnen te gaan . Er werd bevolen om naar de mensen van het vuur te gaan." (al-Boechaari en Moeslim)
De Profeet (saws) heeft gezegd: " Waar ik bang voor ben voor jullie, nadat ik deze wereld heb verlaten, zijn de schoonheden, verlokkingen en rijkdommen van deze wereld die open zal zijn voor jullie als gevolg van jullie overwinningen." (al-Boechaari en Moeslim)
Dus de Profeet (saws) was bang dat als de moslims eenmaal gebieden zouden veroveren en te maken zouden krijgen met de verleiding van rijkdom, ze dan af zouden dwalen. En hoe terecht was die angst.
In een andere hadieth heeft hij (saws) gezegd : "Ik ben niet bang voor de armoede voor jullie, maar dat de doenja open zal zijn en jullie hebzuchtig zullen worden. Jullie vernietigen jullie zelf zoals volkeren hiervoor deden."
Al deze ahadieth spreken voor zich. Het zijn stuk voor stuk bewijzen en waarschuwingen voor het gevaar van jezelf verliezen in het nastreven van rijkdom. Deze waarschuwingen zijn op hun plaats, want in de levens van veel mensen – ook moslims – speelt geld een grote rol en soms zijn ze zich daar niet eens van bewust.
Sommigen gaan zover dat ze geld als een ilah, een god, nemen. De Profeet (saws) heeft gezegd: "Vervloekt is de aanbidder van de dirhams en van de fluwelen en zijden kleding. Als hen wordt gegeven voelen zij zich tevreden en als hen niet wordt gegeven zijn zij ontevreden." (al-Boechaari en Moeslim)
Deze mens heeft geld als "god". Hij doet alles voor geld, laat alle ibaadah voor geld. Hij kijkt niet of de wegen die hij bewandelt goed of slecht zijn . Het enige doel is het verkrijgen van geld. Hij is zo druk bezig om geld te verdienen, om in zijn levensonderhoud te voorzien, dat hij er geen erg in heeft dat hij belangrijkere werken, namelijk de werken voor de Islaam, verlaat.
Anderen zijn nooit tevreden met wat ze hebben en worden gierig en hebzuchtig. De Profeet (saws) heeft gezegd: " Pas op voor hebzucht want hebzucht vernietigde degenen die voor jullie waren. Het beval hen de familiebanden te verbreken, en dus verbraken zij die. Het beval hen om boechl (gierig) te zijn,en dus waren zij gierig en het beval hen om zonden te begaan en dus begingen ze zonden." (Moeslim)
Hebzucht en gierigheid zijn grote zonden voor een moslim. Het maakt dat iemand nooit tevreden is met wat hij of zij heeft. Hij of zij wil steeds meer ten koste van andere zaken zoals familie, vrienden of kinderen. Het plegen van zonden wordt makkelijker om dat lage doel maar te bereiken. Maar als je ontevreden bent met de rizq die je van Allah krijgt, besef je dus niet dat Allah "de beste der Voorzieners" is, zoals de Qor´aan zegt. We moeten weten en accepteren dat Allah bij het verdelen van de rizq verschillen maakt tussen mensen. In de Qor´aan lezen we:
« Voorwaar, jouw Heer verruimt de voorziening voor wie Hij wil en Hij beperkt. Voorwaar, Hij is Alwetend, Alziend over zijn dienaren. » (Al-´Isra´ (17):30)
Achter de verdeling van de rizq zit de Wijsheid van Allah. Zou Hij sommige mensen meer geven dan ze nodig hebben, dan zouden ze de grenzen van Allah gaan overschrijden en zich schuldig gaan maken aan onderdrukking. De Qor´aan zegt hierover:
« En als Allah de voorzieningen aan Zijn dienaren had verruimd, dan zouden zij zeker buitensporig hebben gehandeld op de aarde, maar Hij zendt volgens een bepaalde maat neer wat Hij wil. Voorwaar, Hij is Alwetend over Zijn dienaren, Alziend. » (As-Sjoera (42):27)
In een hadieth qoedsi lezen we dat Allah heeft gezegd: "Onder Mijn dienaren zijn er sommigen voor wie het goed is om rijk te zijn. Als Ik hen arm zou maken, zou Ik hun geloof vernietigen. En onder Mijn dienaren zijn sommigen voor wie het goed is om arm te zijn en als Ik hen rijk zou maken, zou Ik hun geloof vernietigen." (Al-Baihaqi)
Als mensen geld als het ware "aanbidden" en niet tevreden zijn met wat ze hebben,of als ze niet op Allah vertrouwen dat Hij hen halaal voorziening geeft, gaan ze ertoe over om Allah´s regels en wetten te overtreden, om maar geld te verdienen.
Bijvoorbeeld het innen van rente (riba), het verkopen van alcohol en het draaien van muziek ("anders komen er geen klanten"), etc. Allemaal activiteiten die in de Islam verboden zijn.
Of ze komen hun verplichtingen niet meer na, zoals
-verlaten van de salaah (geen tijd om te bidden op het werk)
-verlaten van de ibaadah
-de kleding aanpassen:
Zonder hidjaab naar buiten gaan om een baan te behouden. Meedoen met de koeffaar om er bij te horen en om meer geld te verdienen. In het Westen is de juiste kleding een vereiste. De Profeet (saws) heeft gezegd: "Er komt een tijd waarin de vrouwen gekleed zijn, maar toch naakt zijn. Hun haar als de bult van een kameel op hun hoofden." Kijk naar de vrouw in het Westen; alle reclames etc. waarin de vrouw gebruikt wordt alleen voor geld. Kijk hoeveel Moslimvrouwen en meisjes daarin meegaan en zich daarbij aanpassen en accepteren dat ze er voor hun werk "representatief" moeten uitzien.
Al deze zaken maken dat het geld dat we verdienen, niet meer zuiver halaal is. Het één is natuurlijk wat erger dan het ander, en soms speelt noodzaak een rol, maar het is allemaal niet goed.
We moeten weten hoe belangrijk het is dat het eten en drinken waar we onszelf en onze kinderen mee voeden, en de kleding die we dragen, gekocht zijn met middelen die halaal zijn. De Profeet (saws) heeft ons verteld over een man, die zijn handen omhoog heft en smeekt: Ya Allah, Ya Allah! Maar er wordt niet naar hem geluisterd, want zijn eten, zijn drinken, zijn kleding en zijn verdere bezittingen zijn niet halaal verkregen. Dus hoe kan zijn smeekbede beantwoord worden?
En onze rizq staat al vast, dus laten we, zoals de Profeet (saws) zei, "redelijk en gematigd" zijn bij het zoeken naar onze rizq. Dat wil zeggen dat we niet te hard werken voor de doenja en niet vervallen in zaken die haraam zijn.Ook de Qor´aan zegt, dat als het gaat over het werken voor de doenja, dat we dit rustig en gematigd moeten doen:
« … dus loop rustig op de weg en eet van Zijn voorzieningen … » (Al-Moelk: 15)
Met rust dus, zonder haast en gestress, zonder het al je aandacht te schenken, want je voorziening is bij Allah. Maar hoe zijn wij; we lopen ons rot voor de doenja. En ondertussen klagen we maar steeds: we zijn moe van ons werk, moe van de kinderen, moe van problemen. Maar is dat waar Allah ons voor heeft gemaakt? Heeft Allah ons voor de doenja gemaakt? Om ons alleen maar met de doenja bezig te houden en daarover te klagen?
Maar als het gaat om het werken voor al-Achira, voor het Hiernamaals, dan moeten we ons haasten en dit voorrang geven en er hard voor werken. Zoals Allah in de Qor´aan zegt tegen Moesa (as):
« En wees snel voor vergeving van jullie Rabb en voor ad-Djennah zo wijd als de hemelen en de aarde, voorbereid voor al-moettaqoen (godsvrezenden). » (Ali-´Imraan: 133)
En in soerah al-Baqarah (148):
« … dus haast jullie naar al het goede …»
En als afsluiting:
Aboe Hoeraira (ra) hoorde de Profeet (saws) zeggen : "Verlies geen tijd voor het doen van goede werken want al gauw zullen er veel beproevingen en onheil zijn, zoals sommige delen van een duistere nacht. Een man zal ´s ochtends opstaan als een gelovige moslim en zal ´s avonds terugkeren als een ongelovige, of hij zal naar bed gaan als een gelovige en ´s morgens opstaan als een ongelovige. Hij wil zijn geloof voor een werelds gewin verkopen." (Moeslim)